Balinese hindoe cultuur in a nutshell

Balinese hindoe cultuur in a nutshell

Al lopend door de smalle straatjes ruik je de wierook, in de verte hoor je gamelanmuziek. Eenmaal in de buurt van de zoveelste tempel zie je hoe vrouwen in prachtige kostuums hun handen sierlijk bewegen op het ritme van de trommels. En als je de volgende ochtend wakker wordt en naar buiten loopt, wordt je vriendelijk begroet door de eigenaresse van het hostel die kleine offers met bloemen, koekjes en sigaretten bij een klein altaartje neerlegt. Als je op Bali verblijft kun je er niet omheen; de Balinese hindoe cultuur is overal. Dit bijzondere geloof is anders dan het Indiase hindoeïsme, maar even ingewikkeld. Tientallen goden, dagelijkse processies door de straat en demonen als decoratieve standbeelden maken het Balinese een van de spraakmakendste geloven van Azië. Wij leggen je uit wat de kern is van deze religie, en waarom de warme Balinezen leven zoals ze leven.

Ceremonies zijn geen toeristische attracties, maar religieuze aangelegenheden. Als je wordt uitgenodigd doet dat niets af aan de spirituele betekenis van het evenement – Balinezen leven namelijk onder het mom van ‘hoe meer zielen, hoe meer vreugde’. Balinees hindoeïsme is gebaseerd op vele goden. Een aantal belangrijke goden zijn Brahma (de schepper) Shiva (heerser van de hemel), Vishnu (oppergod) Ganesha (beschermgod) en Garuda (zonnegod). Personificaties hiervan zie je op het eiland regelmatig terugkomen, bijvoorbeeld in de vorm van posters in warungs en standbeelden bij een stoplicht. De uitspraak dat er meer tempels dan huizen op Bali zijn, klopt. Ieder huis dient een eigen tempel te hebben (de familietempel), ieder dorp heeft er een voor grotere ceremonies (pura desa) en dan zijn er ook nog tempels per beroep, naast de heilige tempels, bergtempels, kusttempels en rijkstempels.



Karma

Volgens de Balinezen wint iedere morgen goede energie het van donkere energie, omdat de zon weer opkomt. Zonder de zon zou de maan niet bestaan en zonder de maan zou de zon niet bestaan. Dit is volgens Balinezen een duidelijke vorm van karma, een belangrijke norm in hun levensstijl. In ieder persoon zit een goede en een slechte kant. De ene keer domineert het goede het slechte, en de andere dag is het slechte machtig. Om hier orde en harmonie in te brengen, wonen er Goden op de bergen en vulkanen die de mensen beïnvloeden de juiste keuzes te maken. Mount Agung is de heiligste vulkaan, omdat het de hoogste top van het eiland is. Alle Balinezen slapen om die reden met hun hoofd richting de berg. Daarentegen zijn er ook demonen die zich verstoppen diep in de zee en chaos en stress veroorzaken. Nadat een persoon sterft vindt er reïncarnatie plaats. Balinezen geloven niet dat een mens terug kan keren als dier of plant, maar bijvoorbeeld wel als een nieuw familielid. Hoe het nieuwe leven zich dan afspeelt is afhankelijk van hoe de karma was voor zijn/haar dood.

Symboliek

Bali is een heel kunstzinnig eiland vol met (muziek)artiesten, schilders en beeldhouwers. Kunst is heel belangrijk binnen de religie, en door eeuwenlang oefening is bijna iedere Balinees getalenteerd. Veel afbeeldingen en standbeelden betreffen een demoon met grote, uitpuilende ogen en slachttanden. Dit persiflage jaagt de geesten weg die negatieve energie dragen, en beschermd dus huizen en tempels. ‘Poleng’, een zwart en wit ruitjesmotief, zie je terug in veel kleding en religieuze doeken die bijvoorbeeld om bomen en standbeelden worden geknoopt. Dit patroon symboliseert dualisme: twee tegenovergestelde onderwerpen die afhankelijk van elkaar zijn, oftewel balans. Er is iets goeds in het slechte en iets slechts in het goede. Daarnaast zie je ook vaak de combinatie van rood (de schepper Brahma), wit (heerser van de hemel Shiva) en zwart (oppergod Vishnu). Vrijwel alle Balinezen dragen een geweven armbandje (Tri Datu) in deze kleuren, omdat het je hoofd kalmeert zodat het niet wordt beïnvloed door negatieve gedachten. Het lichaam is volgens de religie ook onder te verdelen in drie: het hoofd (de hemel), het lichaam (de wereld) en de voeten (de hel), dat staat dan samen weer symbool voor het universum.



Opmerkelijke rituelen

Kijk niet gek op als je op het strand aan het ontspannen bent en er opeens honderden mensen in witte kledij het strand op lopen. Na een paar kilometer aan processie eindigt de ceremonie in een tempel of op een andere heilige plaats. Als de processie langs een kruispunt komt, draaien alle mensen rondjes om zo de verkeerde geesten op een dwaalspoor te zetten. Veel crematies vinden plaats bij de zee, en daar hoort soms de slachting van kippen bij als offer. De as van de overledene wordt in de zee gestrooid. Ook bepaalde feestdagen gaan gepaard met speciale rituelen die worden uitgevoerd op het strand. Een ander opmerkelijke ceremonie is het ‘tandenvijlen’. De dierlijke scherpe punten van de tanden worden weg gevijld, waarna men een volwaardig mens wordt. De punten dragen negatieve karaktereigenschappen, namelijk slordigheid, besluiteloosheid, pronkzucht, hebzucht, luiheid en zinnelijkheid. Het slijpsel wordt daarna achter het altaar van de voorouders begraven. Ook op een feestje zijn Balinezen nog veel met hun geloof bezig. Zo offeren ze vaak wat bier of ander alcoholische drank aan de goden door wat op de grond te gieten voordat ze zelf een slok nemen.

Wees sociaal